Rechts en links worden in de media meestal geassocieerd met sociaal-economische tegenstellingen. Als nationalisten zijn wij geconditioneerd door die visie, omdat deze sociaal-economische tegenstelling samenviel met de tegenstelling tussen natiestaten en ‘blokken’ waarvan ze deel uitmaakten: NAVO tegen Warschaupact. Door de tegenstelling tussen links en rechts zelf, al is het gedeeltelijk, ook zo in te vullen treden we in een materialistische levens,- mens,- en wereldvisie. Niet doen dus.
Waarover gaat het dan wel? Rechts vertrekt vanuit het idee dat het doel van politiek en maatschappij niet in de mens zelf ligt. Rechts is van oordeel dat de opdracht van de mens buiten zichzelf ligt. We worden immers omringd door dingen-in-wording, afgietsels van een Zijn. Toch identificeren mensen dingen-in-wording en dingen-in-verval met een Zijn dat hen voorafgaat en waarnaar ze trachten. De dingen-in-wording zijn ondenkbaar zonder iets wat hen voorafgaat en zonder representaties in een ideële wereld (Plato’s grot). Mensen hebben de neiging te categoriseren en de chaotische werkelijkheid voorspelbaar te maken. Daarom proberen ze ook orde in hun samenleving te stichten, door aan politiek te doen.
Rechts stelt dat de ontstijging van het aardse tranendal pas kan lukken als we voor de moeilijkste weg kiezen (de vrijheid van de wil, Demosthenes met de steentjes). We kunnen het ons bewust moeilijk maken door vorm en inhoud te laten samenvallen. Dan keren we terug naar de oorspronkelijke Orde. Door het ons bewust moeilijk te maken en door een zeer eenvoudig criterium te nemen voor Waarheid (samenvallen van vorm en inhoud, kalos kagathos) doen we een existentieel offer: we ‘verrechtsen’ in ons ganse leven. Deze verrechtsing is nodig om moreel verantwoord te kunnen scheppen. Scheppen betekent uit het niets iets creëren, dus uit de wil, uit het offer. Zoals de schepping ook is ontstaan.
De Traditie (Evola, Guénon) probeert vorm en inhoud zolang mogelijk samen te houden. Linkse krachten beweren dat het doel van de mens in de mens zelf ligt, maar de Waarheid is volgens hen relatief en kan niet geobjectiveerd worden tot iets dat mensen delen. De maat van de dingen ligt is onderworpen aan de grillen, de veranderlijkheden en de absurditeiten van de stoffelijke wereld. Daarom ook proberen ze vorm en inhoud te dissociëren. Dan worden vormen om inhouden uit te drukken relatief en afhankelijk van tijd, situatie en heug en meug. Het postmodernisme drukt dit perfect uit.
De weerbarstigheid en de entropie van de stoffelijkheid heeft vorm en inhoud uit elkaar gehaald (Entmischung, ontbinding) en sindsdien is de decadentie toegenomen. De Franse Revolutie betekende een stroomversnelling. Het conservatisme is een stroming tegen de afbraak door de ideeën van de Verlichting. Het vertrekt nog vanuit de scheppende kracht van een aristocratische of Bildungs-elite. Het communisme doorbreekt deze poging de neerwaartse spiraal te stoppen. Rechts probeert door concrete maatschappelijke stelsels de wanorde van de moderniteit (en later: de postmoderniteit) te reorganiseren.
Na het conservatisme kwam de Nieuwe Orde. Scheppende kracht op basis van de idee dat het geheel meer is dan de som der delen. Door de massa, van belang in de Nieuwe Orde, wordt een gedeelte van de linkse ideologie geïncorporeerd en zo geneutraliseerd. Gesublimeerd, als het ware. En heden proberen we het niet langer door de massa, maar door steeds abstractere begrippen: de homogeniteit van waarden en normen. Multiculturalisme wordt tegen ons ingezet, wij bestrijden het door ons pleidooi voor het behoud diversiteit door middel van homogene natiestaten. Nationalisme moet dus rechts zijn, want identiteit is rechts. Het gaat over iets wat we dienen dat ons uit het verleden is aangereikt en wij willen erflaten aan de toekomstige generaties. Linkse nationalisten dienen eerst het marxisme en zijn maar voor de schijn nationalisten. In Palestina dient de Hezbollah eerst Allah en nauwelijks de Palestijnse natie. Zij denken ook in termen van de Oemma.
Links en rechts gaan dus over totaal andere zaken dan een verschillende sociaal-economische visie, zoals oppervlakkig zo lijkt te zijn tijdens de koude oorlog. Rechts gaat over de strijd tegen het materialisme, maar dus ook tegen maakbaarheid (universalisme en imperialisme, ook van sociaal-economisch rechts en theocratisch ‘rechts’ zijn materialistische begoochelingen). Rechtsen vandaag de dag zijn in de moderne nomenclatuur paleo-conservatieven en nationalisten. Rechts gaat over het bewust opzoeken van subtiele evenwichten tussen waarden en lezingen van de werkelijkheid. Deze waarden worden bewaard in de schrijnen van maatschappelijke instituties, vormgegeven door tradities en in leven gehouden en hertaald door het maatschappelijke middenveld, het maatschappelijke weefsel, de civil society. Instituties doen hun best om de eenheid van vorm en inhoud zoveel mogelijk te bewaren.