Het is nu nog te vroeg om de rekening te maken van Castro’s Cuba, maar tot nu toe zou ik het regime van Castro omschrijven als een regime dat zich bleef vastklampen. Zolang het gesponsord werd door de Sovjetunie sloeg Castro erin om de economie niet te doen crashen, wat met het ineenstorten van de Sovjetunie wel gebeurde. Onderwijs, salarissen en pensioenen zijn nog steeds niet terug op het niveau van de Cubaanse “gouden jaren zeventig en tachtigâ€. Politieke repressie is nog steeds alom en ook het internet wordt zeer grondig gecensureerd. Ook ontvangt Cuba nog steeds voedselhulp van het World Food Programme (http://www.wfp.org/country_brief/indexcountry.asp?country=192), wat toch niet echt duidt op een goed werkende staat en economie, maar dat ook te maken heeft met de boycot natuurlijk. Anderzijds zou het oneerlijk zijn om te zeggen dat Castro niets bereikt heeft. Hij heeft immers de macht van de grote landbezitters gebroken, de casinomaffia buitengesmeten, de macht van de Amerikaanse bedrijven afgenomen, kindersterfte tot een historische laagtepunt gebracht en zijn alfabetiseringscampagnes hebben van de Cubanen de meest geletterde bevolking van Latijns-Amerika gemaakt.
Maar zoals hierboven gezegd, dit kon enkel gedaan worden dankzij de immense steun van de grote Sovjetbroer en later Venezuela. Dat de VSA Cuba nu nog steeds onder een boycot houdt (“De stille atoombom†zoals Castro het omschreef voor de VN in 1995), is dan ook te begrijpen vanuit hun standpunt. Castro maakte van het Amerikaanse de facto “protectoriaat†Cuba een onafhankelijke staat in Sovjetsfeer. En al is het marxisme, de Sovjetunie en al de daaruit voortlopende regimes, ideologieën, etc… verwerpelijk, het Amerikaanse allesverslindende liberalisme en kapitalisme is dat evenzeer.
En wat nu? De macht ligt nu bij Raúl Castro, die ook niet bekend staat om zijn jeugdige leeftijd. Met zijn 76 jaar zal hij niet snel de broodnodige hervormingen doorvoeren. Hij staat wel bekend om sympathieën met het huidige China waarbij de “Communistische†Partij de macht niet afgeeft, maar wel economisch liberaliseringen doorvoert. Dat dit leidt tot ongezien onmenselijke toestanden, waarbij Rusland van net voor de Eerste Wereldoorlog bij verbleekt, is niet echt hoopgevend voor het Cubaanse volk. Wat nodig is, is een Derde Weg op Cuba. Een Derde Weg die de fouten van het socialisme en van het kapitalisme naar de prullenbak van de geschiedenis verwijst. Maar boven alles een Derde Weg die het Cubaanse volk naar een groter socio-economisch welzijn kan leiden, zonder daarbij de deur open te zetten voor individualisme, post-modernisme en narcisme. En dat zal moeilijk zijn, wetende dat de Moloch van die laatste drie dingen als een zware donderwolk boven hen hangt.